zaterdag 28 oktober 2017

Hersenschimmen

Samenvatting

Hersenschimmen vertelt het verhaal van iemand die langzaam maar zeker begint te dementeren en de gevolgen die dit voor hem en zijn omgeving heeft.
Maarten en Vera Klein wonen al jaren gelukkig in Gloucester, Massachusetts (Verenigde Staten). Langzaam maar zeker begint Maarten heden en verleden door elkaar te halen. Het begin heel klein, op het moment dat hij niet meer weet welke dag het is en op een zondag wacht tot de schoolbus langs zal komen of als hij steeds vaker in gedachten verzonken is. Langzaam maar zeker kan hij zich dingen niet meer herinneren en als hij zich iets herinnert, gaat hij volledig in die herinnering op. Zo denkt hij op een dag dat hij weer op de kleuterschool is en van de juf de potlodendoos mag halen. Hij loopt de gang door naar het materiaalhok en klimt op een stoel om de doos te gaan zoeken. Dan staat Vera plots achter hem en haalt hem uit de droom. Hij blijkt op de keukenstoel in hun washok te staan. Later geeft hij hele rare antwoorden op vragen, omdat hij net ergens anders met z’n gedachten was. Als Vera hem een keer vraagt wat hij zo lang in de keuken deed, antwoordt hij bijvoorbeeld vangstquota. Uiteindelijk gaat dit nog een stapje verder en breekt hij in bij een vakantiehuisje waar vroeger de vergaderingen van zijn bedrijf waren omdat hij denkt dat hij te laat op zijn vergadering komt. Ook vergeet hij dat mensen en dieren dood zijn en vraagt dus steeds naar hen als anderen langskomen. Een keer begint hij plotseling naar de snoepreepjes die zijn oma altijd voor hem achter in de buffetkast verstopte te zoeken.
Vera wordt steeds ongeruster en als Maarten weg begint te lopen van huis laat ze uiteindelijk een meisje, Phil Taylor, in huis wonen die op Maarten kan passen als zij weg is. Maarten vergeet echter steeds wie ze is. Eerst ziet hij haar aan voor een vriendin van zijn dochter, dan voor zijn vroegere piano juf en uiteindelijk voor zijn dochter. Ook van Vera vergeet hij soms wie ze is.
In het boek wordt ook de moeilijker wordende relatie tussen Vera en Maarten weergegeven. Een eerste beschrijving die Maarten van haar geeft (zie eerste quote, een stuk terug in dit verslag) is nog heel scherp, bij kennis. Meer op het einde heeft hij het echter over een oude vrouw, die er een beetje verfomfaaid uitziet met haar vochtig neerhangende slappe bruine krullen en haar gerimpelde hals (p. 134). Later herkent hij haar niet meer op foto’s en uiteindelijk weet hij helemaal niet meer wie ze is.
In het laatste deel van het boek weet Maarten zelf niet meer wie hij is. Eerst heeft hij het nog over “mijn spullen”, “ik kan ..” etc. Maar naarmate hij verder aftakelt begint hij in derde persoon over zichzelf te praten, om het uiteindelijk alleen nog maar over ‘het’ te hebben. Tegelijk met deze verandering in benoeming van zichzelf, trekt hij zich steeds meer in zijn hoofd terug. Hij communiceert bijna niet meer met de buitenwereld, maar denkt in onsamenhangende zinnen en fragmenten aan wat er om hem heen gebeurt. Een van de redenen hiervoor is dat hij ook steeds meer moeite met het Engels begint te hebben, en soms even de taal niet meer lijkt te verstaan. Op het laatst zijn Maartens gedachten zo onsamenhangend en fragmentarisch dat er bijna niet meer duidelijk is wat er nou met hem gebeurt. Wel weet hij op zijn sterfbed weer even wat er om hem heen gebeurt en zoekt en vindt hij Vera’s hand, al weet hij haar naam niet meer.

https://www.scholieren.com/boek/38/hersenschimmen/zekerwetengoed


Mening

Om te beginnen vond ik Hersenschimmen een mooi geschreven boek. Van tevoren wist ik niet of ik dit boek volledig zou kunnen lezen, aangezien het niet een heel makkelijk onderwerp heeft. Het verhaal is heel realistisch geschreven en is niet moeilijk te begrijpen. Echter aan het einde, rond het moment dat Maarten in het verpleeghuis zit, moet je soms net iets meer moeite doen om de zinnen te begrijpen, maar je zit dan al zo ver in het boek dat je niet meer kan stoppen.
Ik vind het bijzonder hoe je door het lezen van een boek bijna in het hoofd van een dementerende zit en dat je op deze manier kan meemaken wat hij denkt en voelt. Ik heb veel respect voor J. Bernlef hoe hij dit zo heeft kunnen schrijven, zonder het zelf mee te maken. Daarnaast leer je ook veel van dit boek over dementie en wat het met de desbetreffende persoon en zijn omgeving doet. Al snel leefde ik me in hun wereld in en ik kreeg veel respect voor Vera, die dagelijks met haar man de dag doorbrengt, terwijl hij haar niet eens meer herkent.
Dit boek is zeker een aanrader voor iedereen die deze nog niet gelezen heeft.

vrijdag 15 september 2017

Balansverslag vwo 5


In het afgelopen jaar hebben we vier literaire boeken voor Nederlands moeten lezen. 

Vroeger las ik veel Nederlandse boeken, maar sinds een paar jaar lees ik het liefst Engelse boeken. Nederlandse boeken lees ik eigenlijk nog voor school, niet meer voor mijn plezier. Ik kom door veel Nederlandse boeken met moeite heen, maar er zijn natuurlijk wel boeken die ik leuk vond om te lezen. Zo vond ik ‘Spijkerschrift’ van Kader Abdolah heel mooi geschreven. Ik denk dat die wel op mijn nummer een komt van de boeken die ik tot nu toe heb gelezen. Op een goede nummer twee komt ‘Het diner’ van Herman Koch en op de derde plek komt dan ‘Terug naar de kust’ van Saskia Noort. Een van de boeken die ik dit jaar nog wil lezen is ‘De volmaakte verdwijning’ van Derwent Christmas.

Ik heb vorig jaar geen favoriete auteur ontdekt, dit kan onder andere komen omdat ik van de meeste auteurs maar een boek heb gelezen.

De boeken die mij het meest aanspreken zijn vaak de boeken die zo zijn geschreven, dat je alle gedachten en gevoelens van de hoofdpersoon meekrijgt. Een echt favoriet genre heb ik niet, en onderwerpen ook niet. Fictieve boeken spreken me echter niet aan.

Als ik mijn leesautobiografie terug lees dan denk ik niet dat er veel is veranderd, ik heb de afgelopen maanden niet heel veel gelezen. In de komende maanden wil ik heel graag meer gaan lezen, wel zullen dit voornamelijk Engelse boeken zijn.

zaterdag 1 juli 2017

Terug naar de kust

Geschreven door: Saskia Noort

Samenvatting
Maria woont in Amsterdam met haar twee kinderen, Wolf en Merel. Ze heeft een relatie met Geert, de vader van Wolf, maar het gaat niet meer zo goed tussen Maria en Geert. Als Maria merkt dat ze weer zwanger is van Geert, besluit ze het kind weg te laten halen en verbreekt ze de relatie met Geert. De vader van Merel is Steve, waar Maria ook een aantal jaar een relatie mee heeft gehad. Ze zat samen met Steve in een band, waar Maria de zangeres van was. Maria houdt nog steeds erg van zingen, hier kan ze haar energie en frustraties in kwijt.
Vijf dagen na de abortus vindt Maria een kaartje in de brievenbus. Het kaartje is een bedreiging die te maken heeft met haar abortus. Ze weet niet wie het gedaan heeft, maar ze verdenkt Geert. Later komt ze erachter dat Geert zoiets nooit zou doen. Maria heeft schuldgevoelens over haar abortus en ondertussen wordt ze steeds erger bedreigd. Haar stalker stuurt haar foto’s van ongeboren baby’s en later tijdens een concert krijgt ze een pakje opgestuurd met een dode rat erin.
Maria is erg bang door de bedreigingen en besluit om de politie in te lichtten. Maar jammer genoeg wil de politie weinig voor haar doen. Als ze naar huis fietst merkt ze dat ze achtervolgd wordt. Het blijkt Steve, de vader van Merel te zijn. Hij is terug uit Amerika en wil een afspraak maken om zijn dochter weer een keer te zien.
Een paar dagen later gaat ’s morgens de deurbel en staat er een begrafenisondernemer aan de deur die gebeld zou zijn door Petra Vos, de moeder van Maria die al lange tijd geleden overleden is. De moeder van Maria was een psychoot. De vrouw aan de telefoon had gezegd dat Maria overleden was. Maria wordt nu heel erg bang en besluit om iemand anders in te lichtten dan de politie. Het eerste wat in haar opkomt is haar zus, waar ze weinig contact mee heeft en niet zo goed mee kan opschieten. Waarschijnlijk is ze alleen bij haar zus veilig.
Maria vlucht met haar kinderen naar haar ouderlijk huis, waar haar zus, Ans nog steeds woont. Martin, de man van haar zus is een tijdje geleden plotseling verdwenen, weggelopen van huis, volgens Ans. Als ze eindelijk een beetje gewend is in het huis van haar zus, krijgt ze een telefoontje van de politie waarin de politie verteld dat haar huis afgebrand is. De politie zegt dat Maria het gas aan had laten staan en denkt dat Maria een beetje gek aan het worden is en de bedreigingen allemaal zelf heeft bedacht. Ook haar zus wil Maria naar een psychiater brengen. Diezelfde dag nog wordt Maria wakker in een bed, badend in het zweet en met een dik oog. Haar zus zit beneden samen met Victor, een collega. Maria merkt dat er iets niet klopt en vraagt wat er gebeurd is. Maria heeft zichzelf verwond en was zichzelf niet meer, volgens haar zus. Maria snapt er niets van en denkt nu zelf ook dat ze gek wordt.

Maria krijgt medicijnen. Na al die rare dingen die gebeurd zijn verdenkt Maria nu de man van haar zus, Martin. Martin had toegang tot het huis, hij regelde de financiële zaken van Maria en hij weet over haar verleden. Op een dag staat er een man voor de deur, ene Harry Meninga, een zakenpartner van Martin. Martin is volgens Harry met een heleboel geld verdwenen, geld dat niet van hem is. Maria en Harry spreken af om elkaar een keer te ontmoeten, om alles nog een keer duidelijk te bespreken.
Maria besluit om nog een keer terug te gaan naar Amsterdam, om bij haar huis te kijken. Als ze bij de politie langsgaat, blijkt dat haar zus ook bij de politie is geweest. De politie denkt dat Maria gek is geworden. Na het gesprek belt Maria Harry op om te vragen of hij samen met haar het kantoor van Martin wil onderzoeken, ze blijft eerst bij hem slapen. In de prullenbak van Martin vindt Maria een briefje met een webadres van een abortussite. Plotseling krijgt ze een klap op haar hoofd, wordt bewusteloos geslagen en als ze wakker wordt ligt ze vastgebonden op een bed en krijgt pillen en injecties en valt steeds in diepe slaap. Als ze wakker wordt ligt ze opeens in de kofferbak van een auto. Als de kofferbak opengaat ziet ze wie achter alle ellende zit; Ans, haar zus. Ze sleept haar mee en verteld haar waarom ze Maria dood wil hebben, ook verteld ze dat ze Martin en Harry heeft vermoord en dat Maria de volgende zal zijn.
Maria weet zich los te rukken en pakt het pistool van Ans af. Gelukkig staat Victor achter Maria en pakt het pistool af. Ans wordt opgepakt en Maria wordt meegenomen in de ambulance. Als de kinderen de volgende dag op bezoek komen met Geert, hebben ze kaalgeschoren hoofdjes, Ans had dit gedaan. De rechercheur komt ook op bezoek, hij bied zijn excuses aan en legt uit wat er met Maria gebeurd is. Ans en Martin konden geen kinderen krijgen, en Ans kwam er achter dat Maria een abortus had gepleegd. Ze was woedend, en begon Maria te stalken. Ans is psychisch niet helemaal goed, omdat ze vroeger niet de liefde en verzorging heeft gehad van haar ouders. Maria ook niet, maar die is op tijd weg gevlucht, en op haar zelf gaan wonen. Dit heeft Ans Maria nooit vergeven.



Tijd in het verhaal
Het verhaal is niet chronologisch vertelt: in het boek komen een paar flashbacks voor, deze verwijzen meestal maar naar een iemand die ze verdenkt, of naar een bedreiging. Ook wordt er terug verwezen naar de psychotische moeder van Maria, dit wordt gedaan omdat mensen in het boek denken dat Maria ook psychotisch is en het zo wat duidelijker wordt waarom ze dat beeld van haar hebben.
De flashbacks in dit boek maken het verhaal wel spannender, vooral omdat ze meestal heel gedetailleerd worden uitgeschreven. Deze flashbacks zijn heel belangrijk voor het verhaal.

De vertelde tijd van dit boek is ongeveer een half jaar, waarin heel veel gebeurd voor de hoofdpersoon. De verteltijd van dit boek is ongeveer 2 tot 3 uur. De vertelde tijd is dus veel langer dan de verteltijd, dit komt omdat er in het boek tijd wordt overgeslagen. Het is een heel spannend boek, dus heb je heel erg de neiging om het hele boek in een keer uit te lezen.


Mening
Ik had al eerder een boek van Saskia Noort gelezen en had daarom van te voren al een soort verwachting van dit boek. Het vorige boek wat ik van haar had gelezen, 'De verbouwing', vond ik super mooi geschreven. Door de manier waarop het verhaal geschreven wordt kom je echt in het verhaal te zitten, en als ik tegen mezelf zei dat ik nog een bladzijde zou lezen, dan werden dat er al snel meer. Ik vind Saskia Noort een hele mooie schrijfstijl hebben, hierdoor leef je echt mee met de verhalen die zij schrijft.
Een echte aanrader!


Bron: https://www.scholieren.com/boekverslag/60883

vrijdag 30 juni 2017

Leesautobiografie


Lezen doe ik al m’n hele leven en ik heb dat dan ook altijd met plezier gedaan. Van mijn ouders die mij voorlazen tot voorlezen aan de kleuters, ik was altijd met boeken bezig. In dit verslag ga ik vertellen over mijn ervaringen met het lezen en schrijven van boeken.

Toen ik net drie jaar was lazen we na het avondeten altijd uit de kinderbijbel. Mijn broer mocht altijd voorlezen, ik was het er niet mee eens dat ik niet mocht voorlezen. Hierdoor hebben mijn ouders mij het hele alfabet aangeleerd, zodat ik ook voor kon lezen. Ik begon buiten de kinderbijbel ook veel te lezen in boekjes als Maan, Roos, Vis en Het grote kabouterboek. In de kerk wilde ik niet meer naar de créche maar bleef liever in de dienst een boekje lezen, tijdens de dienst las ik vaak uit christelijke kleuterboekjes zoals: Jonah en de walvis en Vijf broden en twee vissen.
Naast dat ik zelf boeken las lazen mijn ouders mij vaak voor uit Pluk van de Petteflat, die ik van mijn oom en tante had gekregen.

Toen ik vier was ging ik naar de basisschool. Hier werden we door de juf wel voorgelezen, onderandere elke ochtend een dagopening. Ik mocht toen ik in groep twee zat al beginnen met
AVI-boekjes lezen, samen met één ander meisje uit mijn groep, terwijl de andere kinderen daar in groep drie pas mee begonnen. Begin groep vier had ik alle boekjes van AVI al uit, terwijl de meeste kinderen daar pas in groep zeven klaar mee waren. ik mocht mini-informatie boekjes lezen, hierin stonden achterin vragen die ik moest beantwoorden, een soort van begrijpend lezen. Ik vond dit zo leuk dat ik er echt heel veel in heb gelezen. Vanaf groep zes mocht ik ook uit de echte boeken van school lezen, mijn eerste boek op school was Snel-weg.
In groep acht mochten we in de pauzes of als we ons werk af hadden voorlezen aan de kleuters, wat ik maar al te graag deed. Na het verhaaltje gingen we een toneelstukje doen bij ht verhaaltje of gingen we er over tekenen.
Ditzelfde jaar deed ik mee aan de voorlees wedstijd, ik las voor uit afblijven. Een meisje uit mijn klas las voor uit Blauwe plekken, ze kon dit zo mooi voordragen en mocht daarom ook naar de bibliotheek om daar voor te lezen ‘tegen’ kinderen van andere scholen uit Heerenveen.

Toen ik naar de middelbare school ging moesten we boeken lezen voor Nederlands en daar verwerkingsopdrachten bij maken. Ik kwam mijn opdrachten afgelopen week nog tegen over de boeken ‘SMS’ en ‘Gebroken Soep’. In de tweede klas moesten we een foto-opdracht maken in tweetallen, ik las samen met Aïsha ‘De Leerling’ geschreven door Tess Gerritsen. In de eerste keer dat ik in de derde zat moesten we ‘Het Gouden Ei’ lezen en ook hier een fotoverhaal maken. In het jaar dat ik de derde overdeed moesten we hetzelfde boek nog eens lezen en er een verhaal bij maken.

Thuis las ik in mijn basisschooltijd veel uit de boeken van Carry Slee, Francine Ooms en Mary van der Valk. In klas twee heb ik ‘Haar naam was Sarah’ gelezen, ik vond dit een heel moeilijk boek om door te komen, maar ik was ook nog maar veertien. Daarna ben ik veel Engelse boeken gaan lezen, tussen mijn boeken staat er nog maar één die Nederlands is. al mijn hele leven doe ik dingen veel liever in het Engels dan in het Nederlands. Ik kan me beter inleven in de Engelse verhalen en de manier van schrijven van bijvoorbeeld John Green en Veronica Roth. Ze omschrijven de gevoelens van de hoofd- en bijpersonen zo dat je helemaal in het verhaal meegaat en zijn hierom ook een grote inspiratiebron voor mij om te schrijven. Want ja, ik schrijf. Ik ben via vriendinnen ooit op de site en app Wattpad gekomen, een plek waar iedereen zijn of haar verhalen kan delen en aan de rest van de wereld kan laten lezen. Ik schrijf vaak in het Engels en hoop altijd dat mensen ook door mijn verhalen worden geïnspireerd om ook te gaan schrijven.

Spijkerschrift: personages en perspectief

Geschreven door: Kader Abdolah

Samenvatting
Het boek begint met een tekst uit de koran (Spelonk) over een groep mannen die toevlucht zochten in een grot, in slaap vielen en 300 jaar later weer wakker werden. Alles is veranderd als ze naar buiten gaan.
Het verhaal over Aga Akbar begint bij zijn moeder (Hadjar). Ze krijgt kinderen van een edelman. Omdat ze niet getrouwd is met hem, zijn de kinderen onechtelijk en dragen ze niet zijn naam. Als Aga Akbar geboren wordt en blijkt dat hij doofstom is, leert Hadjar hem een simpele gebarentaal. Ook gaat zij naar de edelman om diens adellijke naam te vragen voor haar doofstomme zoon. Aga Akbar krijgt deze naam onder de voorwaarde dat hij nooit een erfdeel zal halen, hij heet nu Aga Akbar Mahmoede Gazanwieje Gorasani. Hadjar sterft na een ziekte en Aga Akbar wordt opgevangen door zijn oom, die dichter is. Deze oom, genaamd Kazem Gan, brengt hem de kunst bij van het spijkerschrift omdat hij beseft dan Aga Akbar een kunstenaar en een dichter is en zijn gedachten moet kunnen opschrijven. Aga Akbar houdt vanaf die tijd zijn hele leven een dagboek bij. Akbar wordt verliefd op een hoertje waar hij regelmatig naar toe gaat. De familie vindt dit niet goed en gaan op zoek naar een geschikte echtgenoot. Via een koppelaarster vinden ze een vrouw voor hem. Ze trouwen, maar de jonge vrouw sterft in de huwelijksnacht. Na een aantal jaar ontmoet Kazem Gan van Akbar het meisje Tine. Zij is een merkwaardige vrouw die bezig is haar eigen vader te beschermen tegen opium, iets wat Kazem Gan vaak gebruikte. Kazem Gan vraagt Tine om met Aga Akbar te trouwen. Niet lang daarna gebeurt dit inderdaad en samen schenken ze leven aan vier kinderen. Het eerste kind is een zoon; Ismaiel. Hij wordt door de samenleving gezien als ‘de mond van zijn vader’: hij zal altijd bij zijn vader in de buurt moeten zijn om voor hem te zorgen en te tolken. Daarna volgen nog drie dochters. De jongste dochter wordt Goudklokje genoemd en is een echt vaderskind. Als de familie naar de stad verhuist, komt Ismaiel in contact met het verzet tegen de regerende sjah. Hij gaat studeren in de stad Teheran en ontwikkelt zich steeds verder. Het contact tussen Ismaiel en zijn vader Aga Akbar vervaagt, de oorzaak ligt in het verschil van wereldkennis. Ismaiel probeert zijn vader te vertellen over de wereld, over het heelal en over zijn geloof, maar Akbar begrijpt hem niet. Aga Akbar heeft een tapijtenwinkeltje opgezet, iets dat veel voor hem betekent. In dit winkeltje verstopt Ismaiel een belangrijke verzetsvrouw. Djamila (deze vrouw) wordt ziek en wordt door Tine thuis verzorgd. Voor Ismaiel wordt in deze periode duidelijk dat zijn zusje Goudklokje ook in het verzet zit. Maar hij zwijgt hierover tegen haar en tegen zijn familie.
Onder druk van de Amerikanen verdwijnt de sjah van het beeld en hij wordt opgevolgd door een geestelijke, Khomeini. In het begin lijkt alles goed te gaan en de partij van Ismaiel wordt gedoogd. Maar dan val Irak het land aan. In de chaos van bombardementen op Teheran worden er partijleden opgepakt. De partij wordt genoodzaakt ondergronds te gaan, zoals voorheen. Ismaiel krijgt de verantwoordelijkheid over de partijkrant. Het is zeer gevaarlijk werk en het wordt almaar gevaarlijker naarmate er meer partijleden worden opgepakt. Ismaiel is inmiddels getrouwd en heeft een dochter. Hij stuurt zijn vrouw en dochter naar zijn familie. De band tussen Aga Akbar en Ismaiel was verslechterd, maar als Ismaiel besluit om het land uit te vluchten, herstelt de oude band zich. Nog een keer treft Ismaiel zijn vader op weg naar de moskee, Akbar geeft Ismaiel zijn jas en stuurt hem de bergen in. Ismaiel belandt uiteindelijk in Nederland. Als Ismaiel weg is, hoort hij dat Goudklokje wordt vermist. Per telefoon komt hij te weten dat Goudklokje waarschijnlijk is geëxecuteerd: maar er is een kans dat ze uit de gevangenis ontsnapt is, samen met enkele anderen. Aga Akbar gaat haar zoeken in de bergen. Men denkt dat hij de vluchtelingen een grot heeft gewezen met voedsel en dekens. Aga Akbar wordt in het begin van de lente gevonden in de sneeuw. Van Goudklokje wordt nooit meer wat vernomen.
De verteller eindigt met de toespeling dat Goudklokje in dezelfde grot zit als de mannen uit het verhaal uit de Koran. Hij maakt de toespeling dat Goudklokje over 300 jaar wakker wordt en dan ziet dat alles anders is. 


Personages:
In Spijkerschrift draait het grootste deel van het verhaal om Aga Akbar, maar ook zijn zoon Ismaiel speelt een grote rol in het verhaal. Aga Akbar is een doofstomme man, hij heeft een dagboekje, hierin schrijft hij alles in spijkerschrift op. Het is voor iedereen moeilijk om te communiceren met Aga, omdat hij alleen een soort gebarentaal kan. Ismaiel probeert de verhalen van zijn vader te vertalen, maar dit gaat nogal moeilijk omdat hij nooit spijkerschrift heeft leren lezen.
Qua uiterlijk is Aga een redelijk normale man. Aga heeft wel een ander karakter dan de meeste mensen in het boek. Doordat hij doofstom is heeft hij nooit veel met mensen gecommuniceerd, hierdoor is hij een erg stille(haha) man. Aga is zijn in zijn leven heel afhankelijk van alle mensen om hem heen. Hij heeft heel weinig kennis omdat hij nooit naar school is gegaan.
In dit verhaal is niet echt een tegenstander aanwezig, dit maakt dat er ook niet echt een helper nodig is.

Perspectief:
Het verhaal is eigenlijk in drie delen verdeeld; in het eerste en het laatste gedeelte is een alwetende verteller aanwezig. Dit wordt op pagina 10 al duidelijk gemaakt: “We zijn met z'n tweeën. Ismaiel en ik. Ik ben de alwetende verteller. Ismaiel is de zoon van Aga Akbar die doofstom was.
Hoewel ik alwetend ben, kan ik Aga Akbars notities helaas niet lezen. Ik vertel alleen het gedeelte van het verhaal totdat Ismaiel geboren wordt. De rest laat ik hem zelf vertellen. Maar aan het einde kom ik terug, want Ismaiel kan het laatste deel van zijn vaders notities niet ontcijferen.”
Hieruit kan je ook terughalen dat in het tweede gedeelte Ismaiel het verhaal vertelt. Van Aga Akbar krijgen we geen perspectief te zien, maar in zijn notities vertelt hij wel over zijn leven.
Door de alwetende verteller weten we heel veel details van alle gebeurtenissen, we zijn bij alles aanwezig. Het is heel fijn dat niet bij elke nieuwe gebeurtenis een nieuw perspectief wordt gebruikt, dat zou alleen maar afleiden.


Mening:
Ik vond dit een van de beste boeken die ik tot nu toe heb gelezen. Het verhaal is makkelijk om te lezen, het was vaak ook moeilijk om het boek weg te leggen. Van te voren leek het boek me niet heel interessant, maar dat had ik helemaal fout. Het boek neemt je helemaal mee in het verhaal en ik zou dit boek zeker aanraden aan iedereen.

woensdag 21 juni 2017

De 'Jongeren Literatuurprijs' voor Spijkerschrift.

Volkskrant 31 juni 2017

Dit jaar heeft Spijkerschrift, een prachtig werk van Kader Abdolah, niet de Jongeren Literatuurprijs gewonnen, en ik ben het er niet mee eens.
Iedereen heeft er wel een: een lievelings boek, het boek die je steeds weer kan lezen en je krijgt er nooit genoeg van. Dat boek moet natuurlijk niet te moeilijk zijn om te lezen, want het liefst lezen we hem in een keer uit. Het verhaal moet niet te eentonig zijn, want als het alleen maar over een onderwerp gaat raken we snel ongeïnteresseerd, toch?
Als je 'Spijkerschrift' begint te lezen ben je meteen om, dit boek heeft het allemaal.
Het boek gaat over Aga Akbar, een doofstomme man, en zijn zoon Ismaiel. Aga leert spijkerschrift en houdt hiermee een dagboekje bij. Ismaiel probeert dit te vertalen om er zo achter te komen hoe zijn vader in het leven staat. Wanneer alles voor Ismaiel fout dreigt te gaan vlucht hij naar Nederland.

Het verhaal gaat niet alleen over de vader van de schrijver, maar er wordt ook geschreven over het leven in een dorpje bij de Saffraanberg. Dit zorgt voor afwisseling en de keuze van de schrijver om dit te doen was heel slim; het houdt de lezer vast en laat het niet eentonig zijn. Maar daar laat de schrijver het niet bij, want hij gebruikt ook veel citaten van Perzische en Nederlandse dichters.
Het verhaal leest heel makkelijk. In niet te lange zinnen, die Aga Akbar zelf ook had kunnen begrijpen, wordt je meegenomen in het leven van Aga en Ismaiel. Op 34-jarige leeftijd kwam schrijver Abdolah in Nederland wonen.
Vaak zou je dan denken dat er veel taalfouten in zitten en dat het boek hierdoor minder snel leest. Maar bij Abdolah geldt dat niet, toen hij in Nederland kwam heeft hij meteen o.a. Een jaar Neerlandistiek gestudeerd, vlak daarna bracht hij ook al zijn eerste boek uit.
Zo wordt in een recensie op Hotel Boekenlust geschreven: 'Ik heb veel bewondering voor deze schrijver, niet alleen als meesterverteller, maar ook hoe hij zich onze taal, het Chinees van het Westen, eigen weet te maken en daar zulke mooie boeken mee weet te schrijven.'
Niet alleen heeft hij in die tijd Nederlands gestudeerd, maar ook heeft hij Nederland heel goed geobserveerd. Hierdoor weet hij alles wat hij over Nederland schrijft heel echt over te laten komen. En omdat hij zelf ook dingen als het verzet heeft meegemaakt weet hij dat ook heel mooi over te brengen.

'Spijkerschrift' heeft alles voor het perfecte boek. Het verhaal over een doofstomme man en zijn zoon neemt je in heel veel gebeurtenissen mee. Het is bijzonder hoe iemand die tot zijn vierendertigste nooit Nederlands heeft gesproken of gehoord, je zo goed mee kan nemen in zijn verhaal over hem en zijn vader.


Bron: www.hotel-boekenlust.nl/bibliotheek/548-Kader-Abdolah-Spijkerschrift.html


zondag 15 januari 2017

Reinaert de vos vergelijking

Elvira Ooms, Marieke de Boer, Liza Kuil
V4c, Bornego College
Nederlands
Kui

Een vergelijking tussen de moderne vertalingen van ‘Van den Vos Reynearde’

In een vertaling van een middeleeuwse tekst kan gekozen worden voor het behouden van de originele zinsopbouw en woordgebruik, ook kan er gekozen worden om dit niet aan te houden en het verhaal logisch en modern te vertalen. Een goed voorbeeld hiervan zijn de verschillen in de moderne vertalingen van ’Van den vos Reynaerde’. We vergelijken twee vertalingen van het verhaal ‘Van den vos Reynaerde’. Een tekst die zich houdt aan de oorspronkelijke manier van schrijven met behoud van rijm en ritme en een vertaling van het verhaal die zich daar niet aan houdt en het verhaal begrijpelijker maakt voor onze generatie. Wij gaan dieper in op de manieren van vertalen en welke invloed dit heeft op het aantal mensen dat bereid is het verhaal te lezen.

Reinaert de vos is een erg sluwe en tegelijkertijd erg slimme vos die niet erg in de smaak valt bij zijn medebosbewoners omdat hij veel streken uithaalt. Op een dag kondigt koning Nobel een hofdag aan, waarop ze Reinaert zullen dagvaarden. Bruun de beer, wordt als eerste gestuurd om hem te dagvaarden, maar voor hem loopt dit niet erg goed af. Als tweede is Tibeert de kater aan de beurt, maar ook hem lukt het niet om Reinaert te dagvaarden. Als laatste is het Grimbeert de das zijn beurt om hem op te halen. Dit keer gaat Reinaert toch mee. Om niet te worden opgehangen belooft hij aan de koning een schat, dit heeft hij bedacht, maar zelf heeft hij helemaal geen schat. Als straf moet Reinaert een pelgrimstocht maken, maar in plaats daarvan vlucht hij.
Er zijn verschillende vertalingen van het verhaal ‘Van den vos Reynaerde’. Een bekende vertaling is de moderne vertaling van Hubert Slings. Hierin is gekozen voor een moderne manier van schrijven en zijn de oorspronkelijk zinsopbouw en rijm verworpen, in deze vertaling is het verhaal korter dan in de andere vertaling. In deze vertaling van ‘Van den vos Reynaerde’ is de oorspronkelijke manier van schrijven, denkend aan rijm en ritme, behouden. Wat je gelijk opvalt is dat de naam ‘Reinaert’ of ‘Reynaerde’ in beide teksten op een andere manier wordt geschreven. Dit is een mooi voorbeeld van het verschil in keuzes die de verschillende vertalers maken. Ook het woordgebruik is heel anders in de vertalingen. Hierdoor is het niveau wat hoger omdat je een grotere woordenschat moet hebben om het verhaal helemaal te begrijpen. Dit heeft gelijk ook invloed op de leeftijdscategorie die het verhaal zou willen lezen. Ook door de komst van elektronica, waardoor we in een veel “snellere” wereld leven, nemen mensen steeds minder de tijd om nog verhalen te lezen. Als mensen er dan wel voor kiezen om een verhaal te lezen, kiezen ze meestal voor de modernere en de meest makkelijke versie, want de meeste mensen vinden dat de moderne vertaling toch enigszins sneller en met minder moeite leest.

Onze eigen voorkeur gaat uit naar de niet-rijmende, moderne versie van ‘Van den vos Reynearde’ omdat we deze makkelijker te lezen vinden. Bij de rijmende versie ging het lezen juist langzamer en moeilijker omdat er veel ouderwetse woorden in voor kwamen en de zinsopbouw ook wat ingewikkelder is dan wat wij gewend zijn. Als wij kijken naar onze eigen leeftijdscategorie denken wij dat ook de meeste mensen zullen kiezen voor de niet-rijmende versie, omdat dit simpelweg beter bij het taalgebruik van tegenwoordig past.

Bronvermelding:
- http://www.reynaertgenootschap.be/node/81
- Hubert Slings, 1999, Reinaert de vos, Amsterdam University Press